We zijn een Christelijke school.
Het Christelijk onderwijs ziet u onder andere terug komen in:

– Het gebed aan het begin en einde van een schooldag;
– De kleutergroepen luisteren 2x per week naar een verhaal uit de Kinderbijbel;
– De groepen 3-8 werken met Kind op Maandag; 
– We zingen Christelijke liederen;

– We vieren de Christelijke feestdagen.

De beleving ligt bij ouders en kinderen. We gaan vooral in gesprek met de kinderen en de vraag die daarbij steeds centraal staat is: ‘Wat kunnen we hier van leren?’


Mei 2018

Veel kinderen hebben plannen voor later. Later worden ze misschien wel rijk, succesvol en gelukkig. Sommige kinderen denken er zelfs over om later prins of prinses te worden… Iedereen heeft verwachtingen en hoop voor de toekomst. Maar wanneer begint die toekomst eigenlijk? En wat kun je er zelf aan doen om je gedroomde toekomst dichterbij te brengen? Het thema van dit nummer van Kind op Maandag is: Later begint nu. We lezen het verhaal van Ruth, een jonge vrouw uit Moab. Als haar man sterft, besluit Ruth om met haar schoonmoeder Noömi mee te gaan naar Betlehem. Zo komt ze in een stad waar ze niemand kent en waar alles anders is. Zou dat de toekomst zijn waar ze als klein meisje van droomde? Misschien niet. Het verhaal laat zien dat het leven soms heel anders loopt dan je verwacht. Maar Ruth laat het er niet bij zitten. Ze gaat werken op het land en ontmoet daar een man uit Betlehem waar ze uiteindelijk mee trouwt. Samen krijgen ze een kind, dat uiteindelijk de opa zal worden van de grote koning David. Later is begonnen!

In de week voor Pinksteren horen de kinderen hoe de leerlingen van Jezus verder konden na zijn hemelvaart. Ze wisten niet goed wat ze nog van hun toekomst konden verwachten nu hij er niet meer was. Maar toen gebeurde het wonder: De Geest van God werd over hen uitgestort. Daardoor konden ze verder gaan met wat Jezus begonnen was: de verkondiging van het koninkrijk van God. Daar konden ze meteen mee beginnen!
Misschien is het mooi om deze weken thuis ook eens te praten over ‘later’. Welke wensen en verwachtingen hebben de kinderen over later? En u zelf? (‘Wat wilt u later eigenlijk worden?’) In de bijbelverhalen blijkt dat mensen zelf veel invloed hebben op hun toekomst. En ook, dat er iemand is die je helpt met wat je zelf niet kunt. Dat wensen we alle kinderen toe!


Maart 2019

De komende weken leven we met de kinderen toe naar het Paasfeest. Het thema dat we daarbij volgen is: Pak mijn hand. Het zijn woorden die Jezus misschien wel vaak gebruikt heeft: Pak mijn hand, dan help ik je. Ik help je uit je verdriet, je zorgen en je pijn. Pak mijn hand maar, dan breng ik je verder. De woorden ‘pak mijn hand’ zijn een uitnodiging, een belofte. Maar je kunt ze ook op een andere manier zeggen. Als je zelf in de problemen zit, kun je deze woorden gebruiken als een vraag. Misschien zelfs als een gebed: Pak mijn hand, laat me niet alleen.

In deze periode horen we verhalen waarin Jezus de woorden ‘pak mijn hand’ op die beide manieren zou kunnen zeggen. Hij steekt zijn hand uit naar mensen die het moeilijk hebben. Zijn vriend Lazarus roept hij zelfs uit de dood tevoorschijn. Maar tegelijk horen we ook hoe Jezus zelf het moeilijk heeft. Er zijn mensen die hem naar het leven staan, uiteindelijk wordt hij zelfs gearresteerd en veroordeeld. Misschien heeft Jezus toen wel gebeden tot zijn Vader: ‘Pak mijn hand, laat me niet alleen.’ Met Pasen vieren we dat God dat gebed verhoort. Jezus staat op uit de dood.


December 2018

Aan het begin van het jaar wensen mensen elkaar het goede toe: dat het maar weer mooi jaar mag worden! Het thema van Kind op Maandag is in deze weken: ‘Het beste!’ Dat kun je iemand toewensen, maar wat is eigenlijk het beste? We lezen deze periode verhalen over Jezus. Hij liet in woord en daad zien wat je je kunt voorstellen bij ‘het beste’. Verdrietige mensen worden getroost, zieke mensen worden beter en wie niet ziek was gaat zich ook een beetje beter voelen. Dat is wat er gebeurt als God de mensen opzoekt. Noem het gerust ‘het beste’.

We lezen de verhalen over Jezus uit het Evangelie van Johannes. Johannes schreef een bijzonder boek over Jezus, met een veelzeggend begin. Dit Evangelie begint niet met een stal in Betlehem of met het eerste optreden van Jezus, maar met een lied: ‘In het begin was het woord.’ Het lijkt alsof Johannes wil zeggen: Het verhaal van Jezus begon eigenlijk al op de dag van de schepping. Toen God sprak en het licht werd. Vanaf dat moment is het verhaal van zijn liefde voor mensen gaan leven.

We hopen dat de kinderen weer een jaar vol mooie, veelzeggende en inspirerende verhalen tegemoet gaan!


Oktober 2018

In de periode van de herfstvakantie tot aan Advent lezen we bijbelverhalen over het volk Israël op weg naar het beloofde land. Als ze vlakbij dat land zijn, gaan een paar verkenners kijken hoe het eruit ziet. Ze komen terug met verhalen over een prachtig land, maar ook over grote, sterke mensen die daar al wonen. Is er voor de Israëlieten wel plaats? Ook lezen we verhalen over de periode die daarna komt, van de Rechters. Er is geen koning in het land, niemand die voor mensen zorgt zoals God dat wil. Daarom wordt het een puinhoop in het land en geldt het recht van de sterkste. In die situatie wordt Simson geboren, de sterke held met zijn lange haren. Een prachtig verhaal om te vertellen, maar ook een verhaal dat vragen oproept. Wordt de wereld mooier en fijner als je je kracht gebruikt? Of wordt het daar alleen maar erger van?

Het thema van deze weken is ‘balans’. Kinderen weten dat balanceren niet altijd makkelijk is. In je eentje niet, maar met zijn tweeën balanceren is nog veel lastiger! Probeer maar eens met zijn tweeën over een evenwichtsbalk te lopen… Het volk Israël moest in het beloofde land zoeken naar balans in het samenleven met andere volken. Die balans vind je niet door het recht van de sterkste te laten gelden, zo ontdekken we in de verhalen van Simson. Ook kinderen op school moeten steeds weer zoeken naar balans. Is er voor iedereen in de klas ruimte om zichzelf te zijn, zonder dat je daarbij anderen in de weg zit? Dat blijft steeds weer een zoektocht. Misschien kunnen de verhalen van deze periode helpen om over die zoektocht na te denken.

We hopen dat de verhalen tot leven komen in de klassen, en dat de kinderen uitgenodigd worden om zelf te ontdekken wat deze verhalen hen te zeggen hebben!


September 2018

Wanneer ben je een held? Over welke eigenschappen moet je beschikken, wat moet je doen en wat moet je zeggen?
In de periode tot de herfstvakantie lezen we verhalen over Mozes. Hij is in zekere zin ‘de held van Israël’. Hij gaat naar de farao om te zeggen dat hij zijn slaven moet laten gaan en leidt het volk door de woestijn naar het beloofde land. Maar wat voor held is hij? Om te beginnen is hij een held die eerst zelf gered moet worden. Zijn moeder legt hem in een mandje tussen het riet, waar de dochter van de farao hem vindt. Hij is een held die moet vluchten omdat hij iets stoms doet. Een held die niet durft, als God hem vraagt om naar de farao te gaan. Een held die twijfelt aan zichzelf en God steeds weer om hulp vraagt. Daarmee laat hij zien hoe je in Gods ogen held kunt zijn: door kwetsbaar en afhankelijk te durven zijn, en door je verbonden te voelen met andere mensen en met God.

Kinderen kunnen vandaag ook een held zijn. Niet door alles perfect te doen en nooit fouten te maken, niet door het gevoel te hebben dat ze alles kunnen. Maar wel door te weten dat ze gewaardeerd en gedragen worden. Dat je best eens aan jezelf mag twijfelen, en dat je dan toch mag proberen – want van je fouten leer je het meest.
Als wij kinderen als ‘helden’ zien, hoeven we niet te zeggen dat alles wat ze doen geweldig is. (Zulke helden kent de bijbel ook, maar daar loopt het meestal minder goed mee af.) Misschien kunnen de verhalen van deze periode een oproep zijn om kinderen ook te zien in hun geploeter en hun kleine mislukkingen. Mozes en de Israëlieten waren ook niet meteen in het beloofde land, daar deden ze veertig jaar over. Soms helpt het als we kinderen even bij de hand nemen en naast ze gaan staan, zoals Aäron dat deed bij Mozes. Dan kunnen ze weer verder op de weg van de ware held.